Haakwerk haken
Gehaakte kerststerren
Maak gehaakte sterren enkel of gevuld en versier ze eventueel met kralen, pailletten, borduursels enzovoorts. Sterren maken is een feest! Zie ook haakideeën
Sterren kun je verstevigen met suikerwater.
Je kunt op verschillende manieren sterren haken. Hieronder een paar voorbeelden van kerstster haakpatronen:
Kerstster patroon op basis van een zeshoek of vijfhoek
Haak een zeshoek of vijfhoek met stokjessteken.
Vervolgens haak je op elke vlakke kant
een driehoekspunt. De driehoeken haak je door
op de hoeken van elke stokjestoer, de laatste en eerste twee stokjes van de tour samen af te haken. Zie ook samen gehaakte stokjes.
Je kunt deze stervorm twee keer haken, eventueel met verschillende soorten garen. Vervolgens op elkaar naaien en vullen met vulmateriaal.
Haakpatroon zeshoek en sterpunt:


Ster met punten:
Maak een lus van 5 lossen.
Haak in de lus 6 keer 3 stokjes afgewisseld met een losse.
De volgende toer kaak je 6 maal 5 stokjes met een losse ertussen.
De laatste toer haak je 7 stokjes met steeds een losse ertussen.
Alle toeren sluit je af met halve vasten.
Voor de punten van de ster:
Haak 8 lossen en de volgende toer 8 stokjes.
Elke volgende toer begin en eindig je met samengehaakte stokjes, de rest haak je als gewone stokjes.
De ene laatste toer is een samengehaakt stokje en als laatste een stokje.
Vervolgens de punten aan het middendeel vastnaaien of haken.

Ster met picotsteken
- Toer 1: 4 lossen, sluiten met een halve vaste, 1 losse.
- Toer 2: 6 lossen in de ring haken en toer afsluiten met een halve vaste in de vaste van de vorige toer, 1 losse.
- Toer 3: 2 vasten in elke steek van de vorige toer (totaal 12 vasten), toer afsluiten met halve vaste in vaste van vorige toer, 1 losse.
- Toer 4: 1 vaste, 1 losse, 1 vaste in volgende steek, picot: 4 lossen en 1 vaste in de 1e losse aan de haaknaald, 1 losse. Dit herhalen zodat je 6 boogjes krijgt, eindig de toer weer met een halve vaste en 1 losse.
- Toer 5: 1 vaste in het boogje, 8 lossen en 1 vaste in het volgende boogje. Dit herhalen zodat je 6 bogen krijgt, de toer afronden met 8 lossen en een halve vaste plus een losse.
- Toer 6: haak in de eerste boog 3 vasten, picot 3 lossen met een vaste in de 1e losse aan de haaknaald, 1 vaste, picot 3 lossen met een vaste in de 1e losse aan de haaknaald, 1 vaste, picot 3 lossen met een vaste in de 1e losse aan de haaknaald, 3 vasten.
Herhaal dit in alle bogen, en haak de laatste boog met de middelste picot 20 lossen.
Toer afsluiten met een halve vaste en afhechten.

Een snel en eenvoudige te haken ster
Haak 5 lossen en maak ze tot lus met een halve vaste. Vervolgens haak je in elke losse twee stokjes. Afhankelijk van hoe groot je de ster wilt maken kun je nog meer touren rond haken, waarbij je blijft meerderen (dubbele steken in één lus). De sterpunten haak je door 10 (of meer) lossen te haken, keer met een halve vaste en vervolgens haak je drie vasten, drie stokjes, drie dubbele stokjes, waarbij je het laatste stokje afhaakt op de cirkel van de ster.
Haakpatroon ster:





![]()
